Weekendje Frankrijk

Voor een weekendje terug naar Europa, St. Pierre et Miquelon is een eilandje ten zuiden van Newfoundland dat wel de moeite waard leek om te bezoeken. Het hoort bij Frankrijk en is dus volledig Europees, inclusief betalen met euro’s en gesloten winkels, zoals het Fransen betaamt.

Korte background van St. Pierre: 6000 inwoners, klein, kleurige huisjes, klein, smalle straatjes en klein.
We kwamen vrijdag aan rond 5u, wat ook meteen de sluitingstijd van alle winkels was, dus zat er niets anders op dan een restaurantbezoekje te doen. Ook de volgende dag waren er vrij weinig winkels open, of maar voor 2 uurtjes. Dus onze dag bestond vooral uit sightseeing en wat rondwandelen. Wel leuk om eens herinnerd te worden aan de gang van zaken in Europa (en dan in het bijzonder de Franse mentaliteit). Die Franse mentaliteit was iets dat tegenviel, onvriendelijk en als ze je Engels horen praten krijg je een kwade blik of bekijken ze je alsof je een alien bent.
In heel St. Pierre is er maar één discotheek dus we besloten om die een bezoekje te brengen. TJ bleef in het hotel want hij was moe, dan maar met 2 er op af.

De discotheek leek verlaten rond half 1 dus we gingen de bar aan de overkant van de straat binnen. Meteen gespot: de ober van het restaurant die me vrijdag vertelde dat hij naar “the oh” in Gistel ging. Dus we gingen met hem praten en vroegen of er wel wat te doen was en of er ook niet-Fransen waren. Hij wees naar een groep meisjes op de dansvloer. Toen die hoorden dat wij Engels spraken waren ze overenthousiast, ze hadden in de drie weken die ze daar waren geen enkele Engels sprekende jongens gezien. Na uitgelegd te hebben dat Belgen zowel Nederlands als Frans (zouden moeten) spreken en 100 keer “you look so much older” gehoord te hebben vroegen ze ons mee naar de club. Voor die ene keer dat er iets geopend was in St. Pierre moesten we er van profiteren.

Fijn avondje, totdat de meesten na 3u redelijk veel moeite hadden met het verwerken van alcohol. En dan bedoel ik vooral de plaatselijke bevolking. Ik stond aan de bar om een drankje te bestellen toen een Franse zatlap me aansprak, ik verstond er geen woord van dus antwoordde vriendelijk in het Frans: “Je m’excuse mais je ne parle pas français”. Rode lap. Stier. Hij probeerde me weg te duwen maar was zo dronken dat hij zelf achterover viel, komt er van als je een alien omver wil duwen.

Toen we rond half 4 de club verlieten en buiten nog even byebye zeiden tegen onze vriendjes en vriendinnetjes van die avond, kregen we een kwartet locals achter ons aan. Ze gooiden een flesje bier dat ons net mistte dus ik stopte om even achterom te kijken, de tegenstand te analyseren en mijn kwade “Chuck Norris-blik” boven te halen. Hij maakte weinig indruk. Dan maar snel naar het moederschip, waar ons een kortte nacht wachtte.

Tot slot smokkelde ik nog een reuzepot nutella en 2 flessen malibu mee naar Canada, de douane hier is echt achterlijk.
Douane: “Did you bring any food,wine or liquor with you?”
“Yes, 2 bottles of Malibu.”
Douane: “That’s a wine?” (Wijn mag je meer meenemen)
“I think so, I don’t know the word in English.”
Douane: “Ok, go ahead.”

See you!

Advertisements

The Cookie Monster

Weer bijna een “werk”weekje achter de rug. De afgelopen dagen bestonden vooral uit naar de les gaan, lopen, zwemmen en fitnessen.

Dinsdag is winkeldag, dan krijg je 10% korting bij Sobey’s dus probeer ik om enkel op dinsdag inkopen te doen. Het logische gevolg is dat ik op zondag en maandag op brood en water leef. Afgelopen dinsdag kocht ik samen met Joel 3kg kip aan halve prijs. Het plan was om dit te verdelen zodat we toch ook eens kip konden eten (kip is verschrikkelijk duur hier). Toen we thuis aankwamen en de doos opendeden zagen we dat de stukken kip nog véél bot in hadden, maar echt veel. Vandaar de halve prijs waarschijnlijk. Aangezien de Chinezen veel kip eten, probeerde ik de doos aan hun te verpatsen.
Aankoopprijs: 25$
Verkoopprijs: 30$
We studeren Business Administration voor iets hé…

Woensdag ging ik voor een loopje samen met Joel rond Long Pond (Foto, let niet op die geeky brilsmurf, het was de enige foto op google 🙂 ). Hij had het lumineuze idee om een wegje in te slaan dat ons via trappen tot op de top van de berg net naast de universiteit bracht. We dachten dat er nog wel zo een wegje terug zou zijn dus we liepen verder toen we boven waren. Guess what, geen wegje terug. Zo wordt een halfuur lopen een uur :).

Het hoogtepunt van de week dan, op donderdag merkte ik dat mijn pizza uit de diepvries verdwenen was, niet zo erg, t zal wel een vergissing zijn. Todat Shuai (de enige die ik bij naam ken) me zei dat hij een doos ijs miste. Blijkbaar mistten de andere huisgenoten ook eten uit de diepvries, op z’n minst raar te noemen. Lijkt wel een spelletje Cluedo: volgens mij heeft de kleine Chinees met zijn bril het gedaan met een kandelaar, uiteraard in de keuken aangezien we geen balzaal, zitkamer, biljartkamer of serre heben.

Wordt vervolgd…

Taxizoektochten a volonté

Het is nu kwart na 8 maar aangezien ik te tam ben om iets super spannend te doen, schrijf ik maar een blogje. Waarom ik zo tam ben?

Vrijdag was er een feestje voor Mexicanen een straat verder, dus besloten we om met zen allen (de internationale studenten) om ook maar te gaan, we zijn tenslotte toch een beetje exotisch naar Canadese normen… We bleven er welgeteld 20 minuten, super saai en weinig volk. Dan maar downtown, het centrum van de stad. Toen we om 3u (sluitingstijd) een taxi wilden nemen naar huis viel dat behoorlijk zwaar tegen. Het is gemakkelijker om een lawine tegen te houden dan een taxi in St. John’s om 3u ‘s nachts. Ongeveer een uur later en na een passage bij de subway stopte er een kerel bij ons die wel taxi wilde spelen voor “ten buck meh”. Eindelijk, halfuurtje later lag ik in m’n bed.

Zaterdagmiddag kreeg mijn wekker een paar keer “snooze” te horen voordat ik effectief opstond om het zwembad onveilig te maken. Ik dacht dat ik mijn beste zwemvorm ooit te pakken had, geweldige tijden zonder veel moeite. Totdat ik toch maar even navroeg bij een kerel in een baan langs me. Het was een 25 yards bad, wat ongeveer 22.5 meter is. Weg met het goede gevoel.
Namiddag nog een bezoekje aan de mall gebracht met Joel en ‘s avonds stond er een pokerspelletje met de Nederlanders en hun huisgenoten op het programma. Een van die huisgenoten is Troy, een Canadees uit Toronto die ook aan triatlon doet. Trainingsmaatje: check. Na het pokerspel besloot ik om met Thom nog naar een houseparty te gaan waar JJ, mijn huisgenoot, moest draaien. Toen we daar (na nog maar eens ‘ten buck’ voor een taxi) aankwamen bleek dat het feestje net stopgezet was door de politie. Dan maar met wat willekeurige anderen terug een taxi genomen naar George Street, waar het feestje verder ging. Op dat feestje voelden we ons als prins Laurent in een klas vol hoogbegaafden: we waren zowat de enige blanke kerels in de hele club. Apart feestje dus, maar wel eens plezant om te zien. Om half 4 ging ik met JJ naar buiten om een taxi naar huis te nemen, met andere woorden om 5u lag ik in mijn bed, taxi’s in St. John’s het blijft een pijnpuntje.

“Snooze”, zondagmiddag. Klaar voor een ‘hiking’-tochtje naar en rond Signall Hill. We wandelden via de gewone weg naar de top van de heuvel en namen het pad, waar we regelmatig van afweken om de afgrond te bewonderen, naar beneden. Heerlijk wandeltochtje. Een paar uur later kwam Troy me oppikken voor een zwemtraining. Hij is net iets beter dan mij dus met hem heb ik een ideale trainingspartner gevonden. We zwommen een goede 2000 meter in 40 minuten wat voldoende bleek om mijn benen te verkrampen bij elke beweging.

Status: moe maar voldaan.
Correctie: doodmoe maar voldaan.

Normale leven: feesten en trainen

Na een weekje aanpassen en zoeken naar vanalles en nog wat is er nu eindelijk wat stabiliteit in mijn uitwisselingsleven, relatieve stabiliteit toch. De sobey’s (supermarkt) heeft geen geheimen meer voor me en ook het fornuis kan eindelijk mijn aanwezigheid appreciëren. De wasmachine is een ander verhaal, die spruttelt nog al eens tegen maar ook dat beestje wordt nog wel getemd.

Chinezen, daar zijn ze weer… Na de ‘housemeeting’, waar de huisbaas ons (hun) duidelijk uitlegde dat er opgeruimd moest worden om het leefbaar te houden, zijn ze opeens vriendelijker en properder! Ze blijven natuurlijk wel saaie nerds die de hele avond met hun twee computers (per man) zitten te spelen maar daar kan ik nog wel mee leven.

Woensdag zijn we naar Jungle Jim’s geweest, een ‘restaurant’ in het centrum van de stad. Restaurant is relatief hier, het is gewoon een restaurantomgeving waar ze fastfood op een bord serveren. Die avond was het “wings night”, all you can eat wings voor 15$. Na een hele dag mezelf gespaard te hebben liet ik me dan ook volledig gaan. De dag erna heb ik het schuldgevoel wel weggewerkt met een uur fietsen, 20 minuten lopen en 30 min fitness.

Donderdagavond hielden we een pokertoernooitje in ons huis. We jaagden de Chinezen weg uit de common room en ik geraakte net zoals de rest 5$ kwijt, Jay ging met de hele pot lopen. Blijkbaar trad het bier toen ook al in werking want we kregen wat geklaag van boze … Chinezen omdat we te veel lawaai maakten. Dan maar een taxi naar George street! Eenmaal op George street trokken we meteen naar Sundance, 3 flesjes bier voor 5$, geen verdere uitleg nodig. Rond 2u wou iedereen doorgaan maar ik ging met Jay en Thom (2 noorderburen) nog wat verder. Na een hotdogje trokken we naar Club V, zowat de enige club waar de dj house draait. Ik bewonderde samen met Jay nog even hoe Thom alle plaatselijke vrouwen, dik en dun, naar zich toe trok en nam dan een taxi naar huis samen met JJ (mijn enige niet-Chinese kamergenoot). It was a good night.

Vandaag heb ik mijn kamer opgeruimd, ja moeder: u leest het goed, omdat er toch niets te beleven was met dank aan orkaan Maria. Vanavond is er nog een Mexicaans feestje ter ere van de Mexicaanse Independence Day, gelukkig heb ik mijn moustachos nog niet geschoren vandaag.

Zo hervat ik dus het normale leven: feesten, zwemmen, fietsen en lopen…
En ook nog wat studeren tussendoor.

Adios!

Met alle Chinezen maar niet met deze…

Mijn eerste week in St. John’s zit er op, een korte samenvatting.

Eerste dagen

Toen we aankwamen werden we goed opgevangen door zowel de afgevaardigden van de universiteit als onze huisbazen die meteen met ons naar de supermarkt gingen om de noodzakelijke inkopen te doen. Niet veel later dook ik al mijn bed in om uit te rusten van de vermoeiende reis. De volgende dag regelden we de belangrijkste dingen op school en deden we verdere inkopen.

Over ons kot valt veel te zeggen. Het is een huis met 7 kamers, maar we leven hier met 8 personen omdat er een Chinees koppel een kamer deelt. De verdeling: 2 Belgen, 1 Sierra Leonees en 5 (!) Chinezen. “Multicultureel, ‘t is eens iets anders” was mijn eerste gedacht. Totdat ik de keuken en de badkamer wat beter bekeek. Blijkbaar kennen Chinezen het woord “opruimen” niet. Elke keer als er een Chinees gedoucht heeft is de hele badkamer nat en ze vinden het nie tnodig om dat op te drogen of wat dan ook. Ook houden ze zich de hele dag bezig met koken, waarbij ze uiteraard de hele keuken vuil maken en niet opruimen. Lekker hygiënisch! Pluspuntje: ze zijn wel heel vriendelijk, maar daar blijft het bij.

Met mijn ‘buddy’, een student waaraan ik gekoppeld ben door de universiteit hier, ben ik ook al naar Signal Hill en Cape Spear geweest. Signal Hill is de heuvel die aan de haven van St. John’s ligt en Cape Spear is het meest oostelijke punt van het Noord-Amerikaanse continent. Samen met hem heb ik ook al de stad verkend, dit zijn enkele conclusies:

* Alles is big, een kleine supermarkt hier heeft de grote van een normale Delhaize in België.
Een cola hier, maakt niet uit waar, heeft de grote van drie cola’s in België en meestal krijg je een gratis refill.
* De supermarkten zijn hier elke dag open tot 11u ‘s avonds, er zijn zelfs 24h supermarkten.
* 80% van de auto’s stopt voor voetgangers die willen oversteken
* Newfoundlanders hebben een grappig accent (Ierse invloed)

Start van de lessen

De eerste lessen startten afgelopen woensdag en ik kan er kort overzijn, op een vak na lijken ze behoorlijk makkelijk. Veel leerstof die we al gezien hebben in België en veel Chinese studenten, aangezien die amper Engels kunnen lijkt de taal ook geen struikelblok.

In deze lessen hebben we meteen andere exchange students leren kennen waarmee we donderdag George Street zijn gaan verkennen. George Street is een kleine straat met allemaal clubs of pubs naast mekaar. Supertoffe groep waarmee we waarschijnlijk de rest van ons semester gaan doorbrengen.

Onze huidige groep: 2 Belgen, 2 Nederlanders, 2 Fransen, 1 Mexicaan, 1 Zweed, 1 Italiaan en af en toe ook nog eens een verloren gelopen Duitser of Chileen.

Gisteren (zaterdag) was er een houseparty bij de Italiaan, georganiseerd door zijn huisgenoten. Er waren een hoop newfoundlanders die wisten dat er buitenlandse studenten zouden komen. Met andere woorden, ze hadden zich voorbereid. “We got screeched in”. Om een waardige Newfoundlander te worden moet je een shot rum drinken, vervolgens een vissenkop kussen en een rare zin in het Newfoundlands dialect nazeggen. Screeched in dus, met bijhorend certificaat van waardige Newfoundlander!

Dat was heel kort samengevat mijn eerste week in St. John’s, zo meteen bed in om morgen de eerste normale schoolweek aan te vatten (en hopelijk ook wat meer zwemmen en fitnessen want ik ben tot nu toe alleen nog maar een paar keer gaan lopen).

See you!

Toronto & Montréal

Tijdje geleden dat ik nog een blog postte, maar ik had het te druk 🙂

Toronto dus, de busreis viel goed mee (het was ook maar een uur of twee) en het hostel was basic maar voldoende voor mij. De eerste dag hebben we de stad verkend en leerde ik een Canadees kennen waarmee ik nog wat in de bar van het hostel gezeten heb. Dag 2 bevatte een bezoek aan de ‘Toronto-islands’, super mooie eilandjes. Ze lijken wel een Canadese versie van bokrijk. S’avonds nog maar eens naar een bar geweest in Toronto, want Toronto staat bekend voor zijn nachtleven. Weer wat gekke Canadezen leren kennen en goed gelachen.

Daarna reisden we met de trein richting Montréal. De trein was minder comfortabel als de vorige maar met wat muziek en een goed kussentje valt het wel mee. In Canada moet je trouwens ook je bagage inchecken, net zoals in een luchthaven.

De eerste avond in Montréal ben ik Mount-Royal gaan bezoeken, een berg aan de rand van de stad waarop je een prachtig uitzicht hebt over Montréal en zijn omgeving. De volgende dag verhuisde ik naar een hostel in Montréal waar ik meteen 2 Duitsers en 4 Britten leerde kennen (ik lag op een kamer voor 10 personen). We spraken af om samen op ‘Pub crawl’ te gaan. De pub crawl was een activeit georganiseerd door het hostel waarbij je op één avond drie verschillende pubs of clubs bezoekt. In de namiddag bezocht ik Oud-Montréal, waar je een mengeling van oude en nieuwe bouwstijlen terugvindt (zie foto’s). ‘s Avonds maakten we allemaal samen nog wat spaghetti om daarna naar de pub crawl te gaan, de Britten zaten 2 maanden in de USA en aangezien ze net geen 21 waren mochten ze daar niet drinken en wouden ze zich, tijdens hun eerste nacht in Canada, eens goed laten gaan. De eerste twee bars hielden ze het nog rustig net zoals ik en de twee Duitsers. Maar in de club begonnen we er aan, we bestelden ieder een rondje tequila’s, dus iedereen had ongeveer 6 shots in een half uur. Ik overleefde ze redelijk goed en kon de rest van de avond lachen met de Britten :-). Eentje, Alex, overleefde ze minder goed en was compleet ‘perte totale’. We stopten hem in een taxi en gaven de taxichauffeur een briefje met het adres van het hostel. Wat we de dag erna te weten kwamen was dat hij van de chauffeur een zakje had gekregen om in over te geven maar hij wist het verschil niet meer goed tussen het zakje en de volledige achterbank… Waarop de chauffeur hem eruit gooide en hij per toeval op het hostel uitkwam. En dat was slechts één verhaal.

Aangezien er in het hostel niet veel bedden vrij waren moest ik de tweede dag van kamer verhuizen, dus ik pakte al mijn spullen in en ging naar de receptie om uit te checken en terug in te checken. Nu bleek dat ik naar een ander bed, in de zelfde kamer moest verhuizen. Een misverstand dus en toen ik terug, gepakt en gezakt, de kamer binnenkwam lag iedereen quasi op de grond van het lachen.

Hierna besloten we er allemaal samen op uit te trekken en rustig door Montréal te wandelen. Er was nog een Australisch meisje bijgekomen met de grappige naam “Monique Hore”. We slenterden door Oud-Montréal en vonden een parkje langs de rivier waaraan Montréal gelegen is. Hier hebben we de hele namiddag in het gras gelegen en gelachen met alle weirdo’s die voorbij wandelden, en dat waren er veel. ‘s Avonds maakten we weer wat pasta samen, en gingen we weer naar een pub waar ik iedereen een Hoegaarden aanraadde, om te stoefen over het Belgisch bier. Klik hier om te zien hoe die Hoegaarden eruit zag. Niet fameus, net limonade. Daar ging mijn gestoef over het Belgisch bier. Het was verder nog een gezellige avond met een heel toffe bende waarvan ik er zeker nog een paar ga terugzien.

De vluchten naar St. John’s op donderdag verliepen vlot en ik sprak op het vliegtuig nog met een kerel die in St. John’s woont en me vertelde dat het hier echt wel goed gaat zijn.

See you!